Schrijversnaam

Voor Manda van der Zon

De uitgever vond dat het niet kon voor een schrijfster van romantische vrouwenboeken, die naam van me. Die gee’s, dat klonk toch nergens naar? Ik stemde er hartgrondig mee in. Het jubelde in me. Fantastisch! Er zou niet alleen een boek van me uitkomen, een boek, een echt boek, een echt boek van mij. Maar vooral, ik mocht me verschuilen achter een heuse schrijversnaam. Lekker niemand zou weten dat ík de dader was!

Meteen al had ik een prachtig pseudoniem te pakken. Roos: romantiek met stekelige doorns. Verlinden: variatie op stevig gewortelde lindeboom. Wat mij betreft kon de pers ingelicht worden. Ik was toch zelf Roos Verlinden niet. Radio, tv, landelijke kranten, kom maar op.
Een jaar of twee, drie na mijn debuut was het zover. Een journalist van de provinciale krant op de koffie. Het streekkatern kopte een dag of wat daarna: ‘Xxxgxx Xxxxgxxxx schrijft vierde liefdesroman’. Onderkop: ‘Schrijversnaam Roos Verlinden symbolisch voor de liefde’.

Toen ik na maanden weer buiten durfde te komen, was er niemand die naar me keek. Of wees. Of vroeg of ik soms Xxxgxx Xxxxgxxxx was. Laat staan een handtekening wilde of verzocht een boek van Roos Verlinden te signeren. Prompt durfde ik een beroemde journaliste van De Telegraaf welkom te heten. Pagina Vrouw kopte een dag of wat daarna: ‘Roos Vliegenthart schrijft optimistische boeken voor vrouwen’.

Zelf vergis ik me zelden of nooit. In het dagelijks leven ben ik Xxxxgxxxx. Ook in mijn voicemailtekst, gevolgd door een vrolijk uitgesproken dus is dit ook de voicemail van Roos Verlinden. Geen haan heeft er ooit naar gekraaid. Mensen die Roos moeten hebben, spreken net zo goed hun boodschap in als degenen die voor… eh… mezelf bellen. Wie zich wel vergissen zijn kennissen die niet zeggen dat ze ‘me’ lezen. Heerlijk hoe Hé, dag Roos hun mond uitschiet…

Sinds een aantal jaren kaart ik het gewoon aan op m’n lezingen over Het product boek. Fluisterzacht, hoor, in de microfoon. Wel verzoek ik m’n toehoorsters mijn ware naam niet door te briefen. Omdat ik als Roos voor de zaal durf te staan. Dat ik, meisje, geboren kort na de oorlog, als Roos iemand ben. Een autoriteit, in plaats van opschepper, borstklopper, eigendunkster Xxxgxx Xxxxgxxxx. Wat een golf van herkenning door zo’n zaal laat gaan.

Mijn uitgever heeft dit nooit kunnen beseffen. Hij vond gewoon dat het niet kon voor een schrijfster van romantische vrouwenboeken, die naam van me.